Archive for maart, 2009

Het akkoord van Agnes Jongerius?

27 maart 2009

Deze week was de week van het Sociaal Akkoord. Een ruime kwart eeuw nadat in november 1982 het Sociaal Akkoord van Wassenaar werd gesloten. Dat akkoord legde de basis onder het herstel van de economische crisis van de jaren ’80. Loonmatiging in ruil voor arbeidstijdverkorting in de strijd tegen de oplopende (jeugd)werkloosheid.

In het Sociaal Akkoord dat deze week tot stand kwam biedt de vakbeweging opnieuw matiging van de lonen aan. Nu in ruil voor meer tijd voor herstel van de pensioenfondsen en – mogelijk – voor de verhoging van de AOW-leeftijd. Hoewel die strijd nog lang niet gestreden lijkt.

Wat betreft de loonmatiging is afgesproken dat de looneis van 3,5%, die formeel nog steeds door de vakbonden werd nagestreefd, wordt gematigd tot het niveau van de inflatie. Dat kan er toe leiden dat de loonstijgingen de komende tijd de nullijn kunnen naderen. Echter, heel veel sectoren hebben al afgesloten CAO’s op een niveau van 2,5 tot 3,5 %. Zeer, zeer ruim boven de inflatie van dit moment. Die ‘oude’ CAO-afspraken gaan een probleem vormen. Voor de werkgevers, die in een afkalvende markt toch hun tarieven moeten verhogen. Maar ook voor de vakbonden die de grote verschillen tussen ‘oude’ en ‘nieuwe’ CAO-afspraken moeten uitleggen. Daar komt bij dat die verschillen in toekomstige CAO’s ook weer gecorrigeerd moeten worden.

Zou het niet veel beter zijn als de vakbeweging vrijwillig de bereidheid zou tonen om met werkgevers te heronderhandelen over CAO-afspraken die voor de crisis werden gemaakt?

Als dat gebeurt kan de opvolger van het Akkoord van Wassenaar wat mij betreft terecht als het Akkoord van Agnes Jongerius de geschiedenis in!

Advertenties

Naar een facilitaire CAO?

21 maart 2009

Soms kun je inspirerende gesprekken over CAO’s voeren. Zoals deze week met Jaap Jongejan, voorzitter van de CNV Bedrijvenbond. De CAO is in de ogen van velen – vooral – een instrument waarmee arbeid en inkomen kunnen worden uitgeruild. Maar het kan veel meer zijn. Als de CAO meer in samenhang wordt gebracht met de economische ontwikkeling van branches en bedrijven kan de CAO werkgevers en werknemers helpen om bijvoorbeeld om te schakelen van aanbodgestuurde naar vraaggestuurde productie en dienstverlening. Korte termijn afspraken moeten dan worden aangevuld met afspraken over inzet, beloning, scholing en ontwikkeling op de langere termijn.

Werkgevers en werknemersorganisaties in de (top)sport buigen zich over de vraag of een CAO bij kan dragen aan een professioneel topsportklimaat in Nederland. Ik mag daaraan met anderen een bijdrage leveren. De CAO die daarvoor nodig lijkt moet vooral dienstbaar zijn aan de ontwikkeling en professionalisering van de verschillende takken van topsport, ieder op de eigen wijze en in het eigen tempo. Daarvoor is een ‘facilitaire’ CAO nodig die het sportbonden en -clubs gemakkelijker maakt om arbeidsverhoudingen vorm te geven, te organiseren en te structureren.

De CAO bestaat meer dan 80 jaar en zal naar de overtuiging van velen nog wel 80 jaar bestaan. Maar het karakter van de CAO heeft zich altijd aan de tijd en omstandigheden aan weten te passen. Is na de ‘meerkeuze’ CAO uit de achter ons liggende periode van individualisme de ‘facilitaire’ CAO het antwoord op de huidige behoeften van werkgevers en werknemers?

Sociaal plan kan sociaal én realistisch!

14 maart 2009

Als de voorspellingen van het CPB uitkomen moeten binnen afzienbare tijd sociale plannen weer uit de kast gehaald worden. Hoewel ik deze week nog van een bedrijf hoorde waar het door de directie verboden was om zelfs maar over de economische crisis te praten. Ik kan die houding van het hoofd omhoog en de rug rechten wel waarderen, maar we moeten ook realistisch zijn.

Deze week las ik de weblog van Jaap Jongejan, voorzitter van CNV Bedrijvenbond. Hij bepleitte maatwerk bij het opstellen van sociale plannen. Hard tegenover werkgevers die de crisis misbruiken om werknemers te lozen. Maar realistisch tegenover werkgevers die met pijn in het hart – hopelijk tijdelijk – van een aantal werknemers afscheid moeten nemen om erger te voorkomen. Bij de voorbereiding van een gesprek over een sociaal plan met een klant in de ‘klein’metaal nam ik kennis van de aanpak van IKEA bij de sluiting van de oudste – en verouderde – IKEA-vestiging van ons land in Sliedrecht. De directie koos voor een sociaal sociaal plan. Open communicatie met alle medewerkers en nette regelingen om de schade voor de betrokken medewerkers zoveel mogelijk te beperken werden ‘beloond’ met loyale medewerking en een eervolle vermelding van het Nederlands Centrum voor Sociale Innovatie (www.ncsi.nl). De sluiting van de vestiging in Sliedrecht kon zelfs met een personeelsfeest worden afgesloten!

Zo kan het en zo moet het. Zeker als werkgevers bij economische opleving weer een beroep op de verloren kennis en ervaring van ontslagen medewerkers willen doen.

Openbreken CAO’s: noodzaak of taboe?

10 maart 2009

Deze week viel voor het eerste het woord ‘openbreken’ van afgesloten CAO’s. Minister Donner verwees naar het openbreken van CAO’s – zelfs resulterend in verlaging van de salarissen en pensioenen met 3% – van ambtenaren tijdens de crisis van de jaren ’80. De reactie van de vakbeweging liet niet lang op zich wachten. Bij monde van FNV-voorzitster Agnes Jongerius wordt ‘sociale onrust’ voorspeld als het kabinet de maatregelen om de crisis te beteugelen zoekt in het openbreken van CAO’s en verlagen van pensioenen.

Laat ik voorop stellen dat ik vind dat de CAO het domein van sociale partners is. Gedwongen openbreken van CAO’s door middel van wetgeving past daar niet bij. Toch hoeft het heronderhandelen over afspraken van voor de crisis daarmee niet taboe te zijn. Als de omstandigheden zodanig veranderen, buiten de invloed van contractpartijen om, dat partijen redelijkerwijs niet meer aan afgesproken verplichtingen kunnen voldoen, lijkt het mij in de rede te liggen om als contractpartijen opnieuw met elkaar in onderhandeling te gaan.

De overheid kan het voorbeeld geven met de CAO’s waarbij zij zelf partij is. En de Stichting van de Arbeid zou CAO-partijen in het bedrijfsleven en de zorgsectoren daartoe kunnen adviseren. Uiteindelijk zal een CAO dan pas gewijzigd worden als CAO-partijen het daarover eens worden. Wekgevers zullen de vakbeweging dan ook iets moeten bieden in ruil voor verlaging van afgesproken loonsverhogingen. Te denken valt wellicht aan een sociale aanpak van noodzakelijke massaontslagen en beperking van topsalarissen. Het zal niet eenvoudig zijn overeenstemming over het openbreken van CAO’s te bereiken. Maar voor sociale partners met verantwoordelijkheid voor het beheersen van de huidige crisis zou het toch geen onmogelijke opgave mogen zijn.

Loonmatiging eist moed en leiderschap!

3 maart 2009

Deze week riep minister Donner vakbonden op om geen looneisen te stellen en lonen, pensioenen en uitkeringen – voor zolang als het duurt – op de nullijn te zetten. Hij deed dat bij de opening van het van het Mobiliteitscentrum in Haarlem, één van de antwoorden op de oplopende werkloosheid. De minister herhaalde ook nog eens de werkloosheidsprognose van het CPB: eind 2009 425.000 werklozen en 650.000 werklozen of meer in 2010! Nog geen half jaar geleden telde Nederland minder dan 300.000 werklozen en werden loonsverhogingen van 3,5 % afgesproken!

De vakbeweging heeft het moeilijk met de noodzaak van loonmatiging. Logisch. Veel CAO zijn, ook door de overheid (!), voor 2010 en zelfs 2011 al afgesproken met riante loonsverhogingen. Dat maakt het moeilijk om voor de nog af te sluiten CAO’s de nullijn te accepteren.

Kabinet én werkgevers zullen het de vakbeweging mogelijk moeten maken om de noodzakelijke loonmatiging toch te realiseren. Het kabinet kan dat doen met maatregelen om de werkloosheid te bestrijden. Investeringen, maar ook maatregelen om werklozen snel en adequaat om te scholen en naar ander werk te begeleiden. Ook werkgevers kunnen eraan bijdragen door immateriële wensen van de vakbeweging serieus te nemen en naar creatieve oplossingen te zoeken om daarover CAO-afspraken te maken. Te denken valt aan meer zeggenschap over werk- en rusttijden door vormen van zelfroostering, verbetering van de kwaliteit van het werk door vormen van sociale vernieuwing en intensivering van scholing en opleiding van zittende werknemers. Dat is geen gemakkelijke opgave. Veel moeilijker dan zich te verschuilen aan de oproep van minister Donner voor bevriezing van de lonen. Het is de weg die moed en leiderschap van werkgevers en hun organisaties vraagt.