Archive for mei, 2012

Samen Sterk in De Nieuwe Vakbeweging! (Gastcolumn)

25 mei 2012

Gastcolumn van Liane den Haan, algemeen directeur ANBO, aangesloten bij de FNV.

De huidige FNV wordt gestuurd vanuit de macht. Grote bonden hebben het voor het zeggen, ook op de dossiers die qua deskundigheid wellicht tot de kleinere bonden behoren. Hierdoor ontstaat ongelijkwaardigheid in de besluitvorming. Uiteindelijk heeft dit inzake het Pensioendossier tot een vertrouwensbreuk geleid.

We leven in een veranderende samenleving en politieke werkelijkheid. De vakbeweging heeft veel betekend voor onder andere de emancipatie van de werknemers in Nederland. Wil de vakbeweging succesvol blijven zal de transformatie naar een moderne belangenbehartiger moeten worden gemaakt. Als belangenbehartiger zullen wij opnieuw onze toegevoegde waarde moeten bewijzen.

De toekomst van een organisatie is er niet zomaar; die maak je! Daar heb je een visie voor nodig. Een ambitieus, gedurfd en origineel beeld van de toekomst. Wat voor soort organisatie willen we zijn? Wat is dan ons wensbeeld voor de toekomst? Met een nieuwe visie moeten wij inspirerend ricjting geven! Maar hoe doe je dat als er geen gezamenlijke visie is?

Een deel van de bij de FNV aangesloten bonden wil op centralistische wijze sturing geven aan een ongedeelde vakbeweging. Kort gezegd, dan blijft alles georganiseerd op macht. Er ligt een plan waarin drie grote bonden (FNV Bondgenoten, Abvakabo FNV en FNV Bouw, HS) aangeven dat zij dan die ongedeelde vakbeweging zullen zijn. Een nieuwe vakcentrale.

Een ander deel wil meer van uit de autonomie van de bonden werken. Herkenbaar en dichtbij de leden. Goed voor de belangenbehartiging en als sleutelbegrip ‘werken op de inhoud’. Ook deze bonden hebben hierover nagedacht en dit aan papier toevertrouwd.

En dan ligt er nog het plan van de kwartiermakers (onder leiding van Jetta Klijnsma, HS). Daar zijn alle bonden het over eens: volstrekt onvoldoende! Compromis op compromis en niet vernieuwend genoeg. De kloof is dus groot.

Onze leden vormen ons bestaansrecht. In een samenleving waarin iedereen zoveel mogelijk de eigen regie wil houden is men niet meer zo geneigd zich aan te sluiten bij traditionele verenigingen. Onze organisaties zullen zich moeten inzetten op het leveren van producten en diensten die passen bij deze ontwikkeling. In de belangenbehartiging zullen we de verbinding moeten zoeken. Onze dienstverlening moet dichtbij de mensen zijn. Pas dan zijn we echt Samen Sterk!

Liane den Haan, algemeen directeur ANBO

 

Advertenties

Raakt het CAO-loos tijdperk in de mode?

18 mei 2012

Voor de voorbereiding van CAOverzicht© volg ik dagelijks het CAO-nieuws. Dat bestaat uit vele berichten over onderhandelingsresultaten, principe-akkoorden en afgesloten CAO’s, die al dan niet algemeen verbindend verklaard worden. Maar ook over mislukte, vastgelopen en afgebroken onderhandelingen met een dreigend CAO-loos tijdperk als gevolg.

De afgelopen tijd is het aantal berichten over CAO-onderhandelingen die niét tot de beoogde CAO leidden flink opgelopen. Een willekeurige greep: Rijksoverheid, Politie, VVT, Reclassering, Kinderopvang, Horeca, Welzijn en Maatschappelijke Dienstverlening, Kappers, Provincies, Houtverwerkende industrie. Alle economische sectoren, markt, zorg en overheid zijn er in vertegenwoordigd. Voeg daar nog bij de lange en moeizame onderhandelingstrajecten die leidden tot de CAO’s in de Bouw, Schoonmaak en Gemeenten.

Een lange reeks mislukte CAO-onderhandelingen, is geen novum en zal gelet op de moeilijke financieel-economische situatie niemand écht verbazen. Wat echter wél opvalt is dat in een aantal sectoren bewust lijkt te worden gekozen voor een CAO-loze periode. Ik ken CAO-loze periodes eigenlijk alleen als een gevolg van het feit dat CAO-onderhandelingen niet tijdig tot een nieuwe CAO leiden. Een CAO-loze periode ontstaat dan als een gevolg, niet als een bewuste keuze. Maar als ik de uitingen van CAO-partijen na het mislukken van CAO-onderhandelingen in sommige sectoren lees, kan ik me niet aan de indruk onttrekken dat er soms een min of meer bewuste keuze wordt gemaakt tussen een CAO als compromis van onderhandelingen en géén CAO. Dat zou betekenen dat de CAO-loze periode niet meer een onbedoeld gevolg van mislukte onderhandelingen is, maar dat er bewust voor wordt gekozen!

In de literatuur over CAO-onderhandelingen kennen we de BADO: Beter Alternatief Dan Onderhandelen. AWVN-onderhandelaarstrainer Dirk Joosse (die mij het vak leerde!) noemt in zijn standaardwerk Onderhandelen in Duurzame Relaties de BADO ‘van belang om het te behalen onderhandelingsresultaat te beoordelen’. Maar dat is toch nog wat anders dan een CAO-loze periode willens en wetens aanmerken als het Beter Alternatief Dan Onderhandelen en verkiezen bóven het voortzetten van CAO-onderhandelingen. Zo’n keuze is een regelrechte bedreiging voor gezonde arbeidsverhoudingen en moet tot het uiterste worden voorkomen.

VNG toont zich betrouwbare CAO-partij!

11 mei 2012

De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) heeft de arbeidsverhoudingen in Nederland deze week een grote dienst bewezen! Onder aanvoering van het College van Arbeidszaken, dat de onderhandelingen over de CAO Gemeenten met de vakbonden voert en haar voorzitter de Rotterdamse wethouder en loco-burgemeester Jantine Kriens, besloot het Bestuur van de VNG het principeakkoord over de CAO Gemeenten ongewijzigd aan de gemeenten voor te leggen.

Het College van Arbeidszaken (CvA) had over het principeakkoord langdurig met de vakbonden onderhandeld. Op een wijze die respect verdient: ondanks de moeilijke financiële situatie van veel gemeenten bood het CvA een bescheiden loonsverbetering in ruil voor afspraken over modernisering van de CAO op het gebied van loopbaanontwikkeling, mobiliteit, werk-naar-werk en flexibele werktijden. Vakbonden vonden dat lang onvoldoende, maar het CvA hield voet bij stuk. Met het (mislukte) Catshuisoverleg in het vooruitzicht besloten vakbonden er uiteindelijk toch mee in te stemmen. Ook dat getuigt van inzicht en moed!

Afgelopen week dreigde minister Spies van Binnenlandse Zaken echter een spaak in het wiel te steken. Zij vond de afgesproken loonsverhoging in strijd met de afspraken in het zogenaamde Kunduz-akkoord. Daarin was immers de nullijn voor ambtenaren afgesproken! De minister liet het niet bij die mening, maar riep de VNG op het CAO-akkoord te herzien en dreigde met het nemen van financiële maatregelen als dat niet zou gebeuren.

De opstelling van de minister is om meer redenen af te keuren. In het sectorenmodel dat de publieke sector opdeelt in CAO-sectoren is de VNG en niet de minister van Binnenlandse Zaken verantwoordelijk voor de CAO Gemeenten. Het is ook niet zo dat de CAO Gemeenten het Rijk meer geld kost. Gemeenten moeten dat uit eigen middelen betalen. De minister zette met haar oproep de Nederlandse arbeidsverhoudingen op het spel. Als de overheid onder druk van politieke afspraken op gemaakte CAO-afspraken mag terugkomen is het uitgangspunt ‘afspraak is afspraak’ nergens meer veilig. Dat zou de basis wegslaan onder de Nederlandse arbeidsverhoudingen. Die schade zou het akkoord over de CAO Gemeenten ver overstijgen!

Hoe nieuw wordt De Nieuwe Vakbeweging?

3 mei 2012

Deze week – op 1 mei Dag van de Arbeid – presenteerden de kwartiermakers onder leiding van PvdA-politica Jetta Klijnsma de contouren voor De Nieuwe Vakbeweging. De belangrijkste vraag aan de kwartiermakers lijkt mij: hoe nieuw wordt De Nieuwe Vakbeweging? Het antwoord zou te vinden moeten zijn in het 65 pagina’s tellende ‘De ontwikkeling van de nieuwe vakbeweging’.

Wordt De Nieuwe Vakbeweging een pluriform en inspirerend netwerk dat ruimte biedt aan organisaties en groeperingen van vakgenoten en beroepsgroepen, jongeren en ouderen, zzp’ers en uitkeringsgerechtigden of een ongedeelde vakbond waarvan iedereen lid moet worden?

De kwartiermakers hebben ervoor gekozen niet te kiezen, maar te proberen het een met het ander te combineren. Iedereen is in De Nieuwe Vakbeweging welkom, maar wordt automatisch lid van de nieuwe alles overkoepelende organisatie. De voorzitter daarvan wordt rechtstreeks door alle leden gekozen en gecontroleerd door een gezamenlijk ledenparlement.

De naam van De Nieuwe Vakbeweging gaat bestaan uit een overkoepelende naam, zoals FNV en CNV nu, en een sub-naam, zoals bouwbond, politiebond en onderwijsbond nu.

De kwartiermakers doen geen voorstellen voor de werkorganisatie en de contributiesystemen, maar zien wel een toekomstperspectief van samenvoeging tot één organisatie en één systeem. Vooralsnog wordt volstaan met een gezamenlijke facilitaire dienst met een eigen directeur.

De kwartiermakers hebben gekozen voor het compromis. Daarin schuilt tevens de Achilleshiel. Doordat de kwartiermakers geen échte keuze hebben gemaakt kunnen en zullen voorstanders van beide modellen hun eigen gelijk blijven zoeken. De voorzitter van FNV Bondgenoten Henk van der Kolk nam daar bij de presentatie een voorschot op door de voorstellen te beschouwen als mogelijkheden voor ‘een overgangsfase’, waarin alle huidige bonden toegroeien naar een ongedeelde vakbond. Als die handschoen wordt opgepakt zijn de kwartiermakers terug bij af!

Vernieuwing van het bestaande vraagt om structuurvernieuwing en vooral cultuurvernieuwing. De kwartiermakers hebben zich, naar eigen zeggen, vooral op het eerste toegelegd. De vraag is of de voorgestelde structuur voldoende ruimte en inspiratie geeft voor een nieuwe cultuur.