Archive for januari, 2015

Empathie in CAO-onderhandelingen?!

30 januari 2015

‘Zou er een groter wonder kunnen gebeuren dan wanneer we voor even door elkaars ogen zouden kijken?’. Met deze vraag van de Amerikaanse activist tegen slavernij Henry David Thoreau begint het boek Empathie van de Australische filosoof Roman Krznaric. De VPRO besteedde er in november 2014 aandacht aan. Empathie is volgens Krznaric ‘de kunst je in je verbeelding te verplaatsen in de gedachten van andere mensen, daardoor hun gevoelens en standpunten te begrijpen en je in je handelen daardoor te laten leiden’. Empathie stelt je in staat gevoelens en standpunten van anderen te begrijpen. Begrip vàn. Dat is iets anders dan begrip vòòr! Begrip van de gevoelens en standpunten van anderen betekent nog niet dat je het er mee eens bent. Maar vaak leidt een beter begrip van elkaars gevoelens en standpunten gelukkig ook tot meer begrip voor elkaar. Dan wordt empathie het fundament voor de brug tussen tegengestelde belangen. De belangrijkste hindernissen daarbij zijn volgens Krznaric onze vooroordelen. In CAO-onderhandelingen en zeker in discussies over CAO-vernieuwing bestaan veel vooroordelen. Werkgevers vinden vakbonden ouderwets en vasthoudend aan oude verworvenheden. Vakbonden vinden dat werkgevers onder het mom van vernieuwing rechten van werknemers willen afnemen. Zulke vooroordelen kunnen worden opgeruimd. Empathie kan daar aan bijdragen. Daarom hebben we het boek van Krznaric voor CAO-onderhandelingen en CAO-onderhandelaars toepasbaar gemaakt. Op 10 maart, en bij voldoende belangstelling ook op 3, 17 en/of 24 maart (in overleg met de deelnemers), organiseren we daarover de Masterclass Empathie in CAO-onderhandelingen voor CAO-onderhandelaars van werkgevers(organisaties) en vakbonden. Doe je mee? Meer informatie en aanmelden bij info@hsarbeidsvoorwaarden.nl.

Advertenties

Schijnconstructies gezamenlijk aanpakken!

24 januari 2015

De afgelopen maanden hebben HS Arbeidsvoorwaarden en a-advies onderzoek gedaan naar het vóórkomen van schijnconstructies. Onze opdrachtgever wilde een beeld krijgen van omvang en aard van de problematiek in een aantal sectoren. Het onderwerp is de laatste tijd veel in het nieuws. Binnenkort start de behandeling van het Wetsvoorstel aanpak schijnconstructies in de Tweede Kamer. Uit het onderzoek blijkt dat er nauwelijks betrouwbare gegevens beschikbaar waren die inzicht geven in de omvang van het aantal schijnconstructies. Dat hangt natuurlijk samen met de aard van de problematiek, niemand loopt er mee te koop. Maar naar mijn mening is er meer aan de hand.

Ten eerste verstaan vakbonden en werkgevers niet hetzelfde onder schijnconstructies. Het kan gaan om arbeidsrelaties die juridisch zijn toegestaan maar maatschappelijk ongewenst zijn of om constructies waarmee wet- en regelgeving (denk ook aan cao-afspraken) worden overtreden. Ten tweede is er nog onvoldoende sprake van een door sociale partners gezamenlijk gedragen aanpak om schijnconstructies in sectoren in beeld te krijgen en aan te pakken. Het gevolg is dat er vaak naar de overheid wordt gekeken om met oplossingen, wetgeving te komen. Ik vraag me af of dat de meest effectieve weg is. Sociale partners hebben grote invloed op en dus ook een grote verantwoordelijkheid voor de arbeidsrelaties en -verhoudingen. Onwenselijke relaties, of ze nu juridisch zijn toegestaan of niet, zouden gezamenlijk moeten worden aangepakt. Daarvoor is het wel noodzakelijk dat partijen samen vaststellen wat zij onwenselijk vinden. Vanuit die basis kunnen zij werken aan het verkrijgen van inzicht in de omvang van de onwenselijke constructies om vervolgens te komen tot een aanpak.

Eenvoudig is dat niet, maar er zijn goede voorbeelden en door het uitwisselen van kennis en ervaringen, positief en negatief, kunnen sectoren van elkaar leren. Uit eerder onderzoek naar de handhaving van cao-afspraken weten we dat de behoefte aan kennisdeling op dit terrein groot is.

Wilco Brinkman, partner HS Arbeidsvoorwaarden

Staken of niet staken (2)

17 januari 2015

Kan de vakbeweging het stakingswapen missen? Dat was de afgelopen week de vraag naar aanleiding van uitspraken van voorzitter Reinier Castelein van vakbond De Unie over de inzet van het stakingsmiddel. FNV en CNV vinden van niet. De Unie denkt van wel. Ik gaf een reactie op BNR Nieuwsradio en schreef een analyse op Opiniestukken.nl.

De reacties op de vraag of de vakbeweging het stakingsmiddel kan missen maken nog iets anders duidelijk: een tweedeling in de vakbeweging. Het ene deel van de vakbeweging wil een CAO waarmee de werkgever goed voor zijn werknemers zorgt. Doet hij dat niet of onvoldoende dan kan de vakbeweging zich daarbij neerleggen of gaan staken. Anders ontstaat een impasse, zoals nu bij zeker 150 cao’s het geval is. Het andere deel van de vakbeweging wil een CAO waarmee werknemers goed voor zichzelf kunnen zorgen. Een CAO die hen meer zeggenschap geeft en ruimte voor individuele keuzes voor geld, vrije tijd of investeren in scholing. In ruil voor wendbaarheid die het bedrijf nodig heeft om in de snel veranderende wereld overeind te blijven. Zo’n CAO dwing je niet af met een staking, maar komt alleen tot stand in dialoog. Dat is soms een lange weg, maar staken maakt de weg naar zo’n CAO alleen maar langer.

Beide CAO’s bestaan op dit moment nog naast elkaar. Je kunt dus niet elke CAO en elke sector over één kam scheren. Ook niet in het debat over staken of niet staken. Maar er is wel sprake van een keuze voor de ene of voor de andere CAO. Er valt voor werkgevers én voor de vakbeweging wat te kiezen in CAO-land!

Staken of niet staken?

16 januari 2015

Kan de vakbeweging het stakingswapen missen? Dat was de afgelopen week de vraag naar aanleiding van de uitspraak van voorzitter Reinier Castelein van vakbond De Unie dat zijn bond niet meer staakt. FNV en CNV vinden van niet. Wat bezielt De Unie om als enige vakbond afstand te doen van het stakingsmiddel?

Er zijn twee redenen die in aanmerking komen als verklaring. De eerste reden is dat onderhandelingen over 150 cao’s in een impasse verkeren. De wijze waarop deze onderhandelingen worden gevoerd is vaak traditioneel. Vakbonden leggen als vragende partij hun eisen op tafel, die de werkgevers moeten inwilligen. Als die daar onvoldoende toe bereid zijn leggen zij op enig moment een eenzijdig eindbod op tafel. Vakbonden moeten dan kiezen of delen: leggen ze zich neer bij het dictaat van de werkgevers of gaan ze staken. Als er geen keuze wordt gemaakt ontstaat een impasse die lang kan duren. De beslissing van De Unie om niet meer te staken is een oproep om onderhandelingen over cao’s op een andere leest te schoeien. In plaats van vragende vakbonden en al dan niet (toe)gevende werkgevers gaan zij met elkaar in dialoog – Castelein noemt dat ‘het goede gesprek’ – waarbij beide partijen een belang bij een positief resultaat hebben. Voor vakbonden zal dat meestal verbetering van arbeidsvoorwaarden zijn. Voor werkgevers kan dat verbetering van productiviteit zijn door de inzetbaarheid van werknemers te vergroten en hun scholingsniveau te verhogen.

Dat sluit aan bij de arbeidsvoorwaardennota die de werkgeversorganisaties VNO-NCW, MKB Nederland en AWVN vorige week publiceerden. Daarin nodigen zij de vakbeweging uit om afspraken te maken over vernieuwing van cao’s. Ze verbinden daaraan echter het dreigement dat ze die vernieuwing zo nodig zonder de vakbeweging zullen realiseren. Dat is mogelijk de tweede reden voor de opmerkelijke stap van De Unie. Door afstand te doen van het stakingsmiddel geeft De Unie aan te allen tijde beschikbaar te blijven voor overleg met de werkgevers. En zolang er nog één gesprekspartner aan de cao-tafel zit kunnen werkgevers moeilijk(er) op zoek naar andere manieren om de door hen gewenste vernieuwing van cao’s te realiseren. De Wet op de Cao sluit zelfs niet uit dat in zo’n situatie met alleen De Unie een rechtsgeldige cao wordt afgesloten. Of het zo ver komt zal moeten blijken. Het is ook zeer de vraag of het wel wenselijk is. Cao’s met alleen De Unie hebben in het verleden in de horeca, mode en sport en kinderopvang voor veel onrust gezorgd. Maar de ogenschijnlijk onbezonnen uitspraak van de voorzitter van De Unie kan dan wel eens een doordachte strategische zet blijken te zijn.

CAO-vernieuwen doe je samen!

10 januari 2015

Deze week presenteerden de werkgeversverenigingen hun gezamenlijke visie op CAO’s en arbeidsvoorwaarden in 2015: Focus op vernieuwing. Onderwerpen die zij aansnijden zijn de transformatie van een kostwinners- naar een tweeverdienersmodel, het langer doorwerken in combinatie met minder ontziemaatregelen voor oudere werknemers en het continu leren en werken in plaats van eerst leren en dan werken. Thema`s die al langere tijd op verschillende CAO-agenda`s staan. Je kan je afvragen hoe vernieuwend ze zijn. Wat ik wel vernieuwend vind is de stelling in de nota dat het met vakbonden …meestal lastig, vaak onmogelijk is CAO`s aan te passen… (citaat). De werkgevers zeggen daarbij dat zij naar andere onderhandelingspartners op zoek gaan als de CAO niet met de vakbonden kan worden vernieuwd. Is dat wenselijk? Ik betwijfel het om twee redenen.

Ten eerste zien wij in de praktijk regelmatig dat vakbonden samen met werkgevers de CAO wel degelijk proberen te vernieuwen. Daarbij kijken zij zowel naar de inhoud als het proces. Het gaat vaak met vallen en opstaan. Het opstellen van een vernieuwingsagenda moet gezamenlijk gebeuren, de belangen zijn niet gelijk en achterbannen moeten ook nog eens worden betrokken. Uitdagingen die investering in voorbereidingen en in de relatie vragen. Dat kost tijd, energie en soms ook geld. Maar het is zeker mogelijk en de moeite waard. In verschillende bedrijven en sectoren hebben we al mooie resultaten gezien. Het bestempelen van de vakbeweging als zijnde niet bereid tot vernieuwen doet onrecht aan vakbonden – van FNV, CNV en De Unie – die CAO’s wél willen vernieuwen.

Mijn tweede twijfel over de opstelling van de werkgevers komt voort uit de definitie van vernieuwing. In hun nota lijkt het wel of zij het begrip monopoliseren. Vakbonden hebben vanuit hun referentiekader en belangen ook ideeën over vernieuwen van CAO’s. Daar kan je het wel of niet mee eens zijn, maar het is niet terecht om dat op voorhand als `niet vernieuwend` te bestempelen. Vernieuwen doe je samen door het verdiepen in en rekening houden met elkaars belangen, ambities en problemen. Empathie. Dat is in elk geval voor HS Arbeidsvoorwaarden de basis voor een gezamenlijke vernieuwingsagenda.

Wilco Brinkman
Partner HS Arbeidsvoorwaarden