Posts Tagged ‘vakbond’

Van wie zijn de arbeidsvoorwaarden?

21 juni 2014

Afgelopen week bood ik in een druk bezochte bijeenkomst over het CAO-vernieuwingsconcept CAO van (N)U samen met Jeroen Pepers ons boek Werken in en aan verandering aan aan Michiel Hietkamp, voorzitter van CNV Jongeren. We hadden bewust gekozen voor een vertegenwoordiger van sociale partners van de toekomst! Werken in en aan verandering gaat immers over de toekomst (die overigens vandaag al begint!).

In de epiloog van Werken in en aan verandering introduceren we de iCAO in een verbeelde situatie in 2020, waarin John, de werknemer, Pieter, zijn werkgever en vakbondsbestuurder Marijke de hoofdrollen vervullen. In mijn toelichting op het idee van de iCAO vroeg ik de deelnemers aan de bijeenkomst: van wie zijn de arbeidsvoorwaarden, die in de iCAO geregeld worden, eigenlijk? Van Marijke? Van Pieter? Of van John? De ongeveer 100 deelnemers waren unaniem in hun antwoord: van John!

Maar àls de arbeidsvoorwaarden van John zijn, is het dan wel logisch dat niet hij, maar vooral Pieter, zijn baas, daarover met Marijke, de vakbondsvrouw, afspraken maken? Nee! Als de arbeidsvoorwaarden van John zijn (wat we blijkbaar allemaal – ik denk terecht – vinden) dan hoort John toch ook de meeste zeggenschap over zijn arbeidsvoorwaarden te hebben? Dàt is precies wat we met de iCAO willen bereiken!

In de iCAO heeft John het zélf voor het zeggen. Pieter maakt met Marijke alleen afspraken over de totale waarde in geld van zijn pakket arbeidsvoorwaarden en over de indexatie daarvan. Voor dat laatste hebben ze een indexatiemechanisme afgesproken, waardoor de onderhandelingen behoudens eventualiteiten nog maar eens in de 5 jaar gevoerd worden. Verder bepaalt John zelf welk salaris hij maandelijks krijgt, hoeveel vrije tijd hij neemt, wat hij investeert in zijn persoonlijke ontwikkeling, scholing, vitaliteit en inzetbaarheid. Althans als hij dat wil! Want voor collega’s die dat allemaal niet willen kent de iCAO een default keuze, waardoor alles bij het oude kan blijven.

Is de iCAO toekomstmuziek of utopie? Technisch is het al werkelijkheid: het kan al! De vraag is: willen we het? Daarover praten we op 5 september door in een invitational conference. Als je daarvoor belangstelling hebt, laat het me weten. Je vindt de epiloog over de iCAO in Werken in en aan verandering. Veel leesplezier!

Hoe nieuw wordt De Nieuwe Vakbeweging?

3 mei 2012

Deze week – op 1 mei Dag van de Arbeid – presenteerden de kwartiermakers onder leiding van PvdA-politica Jetta Klijnsma de contouren voor De Nieuwe Vakbeweging. De belangrijkste vraag aan de kwartiermakers lijkt mij: hoe nieuw wordt De Nieuwe Vakbeweging? Het antwoord zou te vinden moeten zijn in het 65 pagina’s tellende ‘De ontwikkeling van de nieuwe vakbeweging’.

Wordt De Nieuwe Vakbeweging een pluriform en inspirerend netwerk dat ruimte biedt aan organisaties en groeperingen van vakgenoten en beroepsgroepen, jongeren en ouderen, zzp’ers en uitkeringsgerechtigden of een ongedeelde vakbond waarvan iedereen lid moet worden?

De kwartiermakers hebben ervoor gekozen niet te kiezen, maar te proberen het een met het ander te combineren. Iedereen is in De Nieuwe Vakbeweging welkom, maar wordt automatisch lid van de nieuwe alles overkoepelende organisatie. De voorzitter daarvan wordt rechtstreeks door alle leden gekozen en gecontroleerd door een gezamenlijk ledenparlement.

De naam van De Nieuwe Vakbeweging gaat bestaan uit een overkoepelende naam, zoals FNV en CNV nu, en een sub-naam, zoals bouwbond, politiebond en onderwijsbond nu.

De kwartiermakers doen geen voorstellen voor de werkorganisatie en de contributiesystemen, maar zien wel een toekomstperspectief van samenvoeging tot één organisatie en één systeem. Vooralsnog wordt volstaan met een gezamenlijke facilitaire dienst met een eigen directeur.

De kwartiermakers hebben gekozen voor het compromis. Daarin schuilt tevens de Achilleshiel. Doordat de kwartiermakers geen échte keuze hebben gemaakt kunnen en zullen voorstanders van beide modellen hun eigen gelijk blijven zoeken. De voorzitter van FNV Bondgenoten Henk van der Kolk nam daar bij de presentatie een voorschot op door de voorstellen te beschouwen als mogelijkheden voor ‘een overgangsfase’, waarin alle huidige bonden toegroeien naar een ongedeelde vakbond. Als die handschoen wordt opgepakt zijn de kwartiermakers terug bij af!

Vernieuwing van het bestaande vraagt om structuurvernieuwing en vooral cultuurvernieuwing. De kwartiermakers hebben zich, naar eigen zeggen, vooral op het eerste toegelegd. De vraag is of de voorgestelde structuur voldoende ruimte en inspiratie geeft voor een nieuwe cultuur.

CAO-afspraak tegen sex-verslaving?

11 augustus 2011

Eén op de tien werknemers kampt met een verslaving aan alcohol, aan sex en porno, aan drugs of aan gokken. Dick Trubendorffer, directeur van GGZ CrisisCare, dat bedrijven adviseert over verslavingsaanpak en -beleid meent dat werkgevers hiervoor ‘hun kop in het zand steken’. Hij vindt dat onverstandig omdat verslaafde werknemers niet alleen zichzelf, maar ook hun werkgever benadelen. Zij zijn volgens Trubendorffer namelijk minder productief, verzuimen vaker, veroorzaken meer ongevallen en verzieken de werksfeer.

Trubendorffer waarschuwt werkgevers dat ontslag van verslaafde werknemers lang niet altijd mogelijk is. In drie van de vier gevallen zou de rechter ontslag weigeren, omdat de werkgever grotere inspanningen had moeten doen om een einde te maken aan de verslaving. En daarvoor zou een rijtje van huisregels niet voldoende zijn. Trubendorffer vindt dat er meer onderzoek moet komen naar verslaving op de werkvloer en dat vakbonden het belang van goed verslavingsbeleid op de CAO-agenda moeten zetten.

CAO-afspraken tegen verslaving? Wordt de CAO daarmee niet schromelijk overschat? Natuurlijk kun je in CAO’s afspreken dat de werkgever verslavingsbeleid moet maken, maar draagt dat écht bij tot het oplossen van het probleem? Werkgevers die de noodzaak van verslavingsbeleid inzien hebben geen CAO-afspraak nodig om daar werk van te maken. En werkgevers die de noodzaak ervan niet inzien zullen een CAO-afspraak die hen daartoe verplicht in de praktijk tot een dode letter maken. En die komen al te veel in CAO’s voor!

Natuurlijk moeten werkgevers hun verantwoordelijkheid nemen, daartoe aangespoord door werknemers, medezeggenschap en organisaties als GGZ CrisisCare. Ook brancheorganisaties kunnen daarbij een belangrijke rol spelen. Maar laten we de CAO niet als Haarlemmerolie tegen alle problemen proberen te gebruiken!

Organising en/of Manifest.

3 juni 2011

Deze week besteedde Nieuwsuur aandacht aan organising. De TV-uitzending gaf aanleiding tot veel discussie op Twitter. Ondermeer over de vraag hoe organising zich verhoudt tot het recente Manifest Naar Nieuwe Arbeidsverhoudingen.

Organising is een uit Amerika afkomstige vakbondsstrategie, die zich richt op het versterken van de macht van werknemers in hun eigen bedrijf. Zij worden door professionele organisers van de vakbond gestimuleerd en toegerust om voor hun rechten op te komen. Daarbij wordt actie niet geschuwd. In tegendeel, organising gaat gepaard met een ‘escalatietrap’. Dat wil zeggen dat er zo nodig steeds zwaardere actiemiddelen worden ingezet om de gestelde doelen te bereiken.

Daarmee lijkt het niet te passen bij de inhoud van het Manifest Naar Nieuwe Arbeidsverhoudingen dat begin dit jaar door de AWVN en de grote industriële vakbonden van FNV, CNV en MHP werd gepresenteerd. Dat Manifest roept op tot herstel van onderling vertrouwen en co-creatie in plaats van traditionele onderhandelingen. Op het eerste gezicht een heel andere taal!

Toch meen ik dat organising en het Manifest elkaar niet per definitie uitsluiten. Immers, nieuwe arbeidsverhoudingen zijn gebaat met zelfbewuste werknemers die binnen bedrijven in staat zijn hun eigen boontjes te doppen. En dat is precies wat organising in de kern beoogt! ‘Bange muisjes worden dappere leeuwen’, zei Ron Meijer, FNV-bestuurder in de schoonmaakbranche, waar ik het fenomeen leerde kennen toen ik in 2010 betrokken was bij de oplossing van het CAO-conflict.

Maar om organising met het Manifest te verbinden zullen in elk geval twee voorwaarden vervuld moeten worden. Vakbonden zullen organising niet langer exclusief moeten blijven verbinden met onvrede, CAO-conflicten en stakingsacties. Werkgevers zullen op hun beurt hun angst voor organising moeten laten varen. Alleen dan kunnen organising en het Manifest elkaar aanvullen en hoeft het één niet voor het ander te worden opgeofferd.