Posts Tagged ‘vakbonden’

De toestand is hopeloos, maar niet ernstig!

16 september 2011

Deze week stond in het teken van het pensioenakkoord. De 19 vakbonden, aangesloten bij de vakcentrale FNV, konden er na 16 uur vergaderen geen overeenstemming over bereiken. Een dag later had minister Kamp veel minder tijd nodig om tóch met werkgevers en werknemers tot een akkoord te komen, óók met de FNV! Maar terwijl de media dit nieuws meldden, verklaarden de twee grootste aangesloten bonden, FNV Bondgenoten en Abvakabo FNV, op Twitter dat de FNV niet meer namens hen had gesproken.

In CAOpinie© van 7 mei 2011 stelde ik de vraag ‘Haalt de FNV 2012?’. Ik stelde dat de FNV, als vakcentrale, niet meer past in deze tijd. Want hoewel FNV-voorzitter Agnes Jongerius door Pauw & Witteman nog tot ‘machtigste vrouw van Nederland’ werd gebombardeerd ligt de echte macht van de vakbeweging al lang niet meer bij de vakcentrale, maar bij de aangesloten vakbonden. Zij hebben, zoals uit de tweets van de twee grootste bonden blijkt, als het er op aankomt de vakcentrale niet meer nodig en kunnen hun eigen gang gaan.

Welke schade kan de ‘pensioenakkoord-crisis’ tot gevolg hebben: voor de FNV, de vakbeweging en de Nederlandse overlegeconomie? Deskundigen als oud FNV-voorman Ruud Vreeman en hoogleraar Paul de Beer lieten zich in de media somber uit. ‘Het zal de positie van werknemers in ons land verzwakken’ (Vreeman) en ‘De geloofwaardigheid van vakbonden komt onder druk te staan’ (De Beer). Ik ben geneigd de inwoners van Wenen na te spreken als ze weer eens het centrum van een Europese brandhaard waren: ‘De toestand is hopeloos, maar niet ernstig!’

Natuurlijk, áls de vakcentrale FNV van haar voetstuk valt, heeft dat gevolgen voor de instituties van de overlegeconomie, zoals SER en Stichting van de Arbeid. Ook werkgevers zullen zich dan af moeten vragen of hún centrale structuren en machtsbolwerken nog langer houdbaar zijn. Maar uiteindelijk zullen er nieuwe verbanden en verhoudingen ontstaan die beter passen bij deze tijd en bij de decentralisatie van de macht van de centrale instituties van weleer.
En dat is misschien ook wel goed!

Minder Stress in CAO-onderhandelingen!

8 september 2011

Deze week las ik in Newsletter van het Program on Negotiations van de Amerikaanse Harvard Law School een samenvatting van een artikel over Reducing Negotiation Stress. Het oorspronkelijke artikel heet ‘Poise under Pressure: The Well-Balanced Negotiator’; Evenwicht onder druk: de evenwichtige onderhandelaar. De schrijver, Harvard professor Michael Wheeler, vindt dat veel mensen over het hoofd zien dat onderhandelen een veeleisende activiteit is, fysiek en psychisch. Hij beschrijft treffend hoe volgepropte agenda’s waarover tot diep in de nacht wordt dooronderhandeld door slaapgebrek en geprikkelde zenuwen gemakkelijk tot irritatie en verhitte hoofden kunnen leiden.

Het artikel beschrijft vervolgens een waar gebeurde onderhandeling tussen een Amerikaanse zakenman en een machtige Europese regeringsleider (wiens naam helaas niet wordt vermeld), die bekend staat als een temperamentvolle bullebak. De Amerikaan besluit ter voorbereiding op de onderhandelingen gebruik te maken van visualization, een techniek die ook door topsporters wordt toegepast, die gebruik maakt van eigen verbeeldingskracht de topprestatie te leveren. De Amerikaan stelt zich voor dat hij in een grote limousine naar het kasteel van zijn opponent wordt meegetroond over brede privélanen langs uitgestrekte groene weiden met tientallen Arabische volbloedpaarden. Aangekomen wandelt hij door een imposante galerij met originele Renaissance kunstwerken. Zijn verbeelding, waarmee hij vooraf acclimatiseert in de omstandigheden die hij tijdens de onderhandelingen verwacht, stelt hem in staat om rustig en volledig in balans aan de onderhandelingstafel te verschijnen en een uitstekende deal tot stand te brengen.

Voor de vakantieperiode maakte ik kennis met Qumo, het bedrijf van Renzia de Koning, die met gebruikmaking van – ook een Amerikaanse – methode HeartMeth® leert de eigen hartslag zo te beïnvloeden dat die onder alle omstandigheden rustig en in balans is. We vragen ons af of CAO-onderhandelaars baat bij deze methode zouden kunnen hebben. Het artikel lijkt die vraag positief te beantwoorden. We zijn benieuwd naar reacties van onderhandelaars zelf. Als die positief zijn willen we graag een vrijblijvende kennismakingsbijeenkomst organiseren.

Zó onderhandel je over principes!

19 augustus 2011

Elke CAO-onderhandelaar kent de Harvard Negotiation Method, die in de jaren ’80 van de vorige eeuw naam maakte. Onderhandelen over belangen in plaats van posities is er de kern van. De AWVN heeft er het win-win-onderhandelen vanaf geleid.

Wat niet iedere CAO-onderhandelaar weet is dat de mensen achter de Harvard-methode nog steeds erg actief zijn op het terrein van onderhandelen. Eén van de grondleggers werd onlangs nog door president Obama betrokken bij de onderhandelingen over het Amerikaanse begrotingstekort.

Vorig najaar verscheen een Harvard-publicatie met de titel: How to Negotiate When Values are at Stake? Het gaat over onderhandelingen waarbij naast belangen (‘interests’) ook waarden en principes (‘values, identities and beliefs’) in het geding zijn. Dat is het geval als een partij om principiële redenen geen water in de wijn wil en kan doen. De Harvard-publicatie stelt dan een aanpak voor die uit vier stappen bestaat:

1. Onderscheid belangen en principes en behandel ze afzonderlijk.
2. Investeer in een relationele dialoog gericht op wederzijds begrip en respect.
3. Zoek naar gemeenschappelijke principes die je met de ander kunt delen.
4. Probeer tegengestelde principes met elkaar te verzoenen.

Dat laatste klinkt misschien abstract, maar wordt duidelijk met voorbeelden van gerealiseerde verzoening van principiële tegenstellingen in Zuid-Afrika en Noord-Ierland. De kern is dat onderhandelen over principes meer om wederzijds begrip en respect vraagt, dan om overeenstemming. Daarvoor is eerder een dialoog nodig dan een debat. Dat vereist meer de kwaliteiten van een mediator dan van een onderhandelaar.

Zou hier misschien ook een verklaring liggen voor het feit dat sommige CAO-onderhandelingen zelfs na vele, vele sessies maar niet tot een bevredigend resultaat leiden?

Tango op de werkvloer

25 juni 2011

Deze week had ik, vlak voor de vakantie (die ik daarvoor zelfs een paar dagen had uitgesteld), nog drie boeiende bijeenkomsten. Twee daarvan betroffen vernieuwing van CAO’s. Die van de Particuliere Beveiliging en die van Akzo Nobel. Bij de eerste ben ik als onderhandelaar namens werkgevers, verenigd in de zojuist omgedoopte Nederlandse Veiligheidsbranche, betrokken; bij de tweede was ik uitgenodigd een presentatie te geven tijdens een kick-off met P&O-managers.

Tussen beide activiteiten in nam ik deel aan het symposium Tango op de werkvloer, ter gelegenheid van de presentatie van het gelijknamige boek van Aukje Nauta. Zij is bijzonder hoogleraar Employability in Werkrelaties aan de Universiteit van Amsterdam en mede-oprichter van collega adviesbureau Factor Vijf. Het boek biedt een nieuwe kijk op arbeidsrelaties, zowel op de individuele aspecten daarvan als op de collectieve en op de samenhang daartussen. Tijdens het symposium begeleidde ik mede de dialoog-tafel over Vernieuwing van CAO-processen. Dat bleek een zeer passende schakel tussen de activiteiten voor de Nederlandse Veiligheidsbranche en Akzo Nobel.

CAO-vernieuwing blijkt in de praktijk vaak méér dan vernieuwing van de inhoud van de CAO. Vernieuwing van het CAO-proces is zeker van even groot belang. Daarbij horen vragen als: wat regel je in de CAO en wat laat je over aan de individuele werkgever en werknemer, welke differentiaties breng je daarbij aan en welke keuzemogelijkheden biedt je de gebruikers van de CAO. En ook de vraag: met wie breng je de CAO tot stand, vakbonden en/of OR, en op welke wijze doe je dat? De dialoog-tafel begeleidde ik met iemand die de vernieuwing van de CAO ING Verzekeringen van dichtbij meemaakt. Daar lijkt het CAO-proces in niets meer op het traditionele touwtrekken tussen beide CAO-partijen!

Ik ga het boek van Aukje Nauta in de vakantie, die inmiddels begonnen is, zeker lezen. Tijdens haar presentatielezing lichtte ze zelf de titel toe. ‘Arbeidsrelaties moeten, net als de tango (die tijdens het symposium tweemaal werd gedanst!) meer zwier krijgen’, zei ze. Dat betekent niet alleen meer lol (wat tijdens CAO-onderhandelingen overigens heel belangrijk is!), maar durven slingeren (als de klepel van de klok) tussen flexibiliteit en zekerheid, competitie en coöperatie, individu en collectief. Zwieren en slingeren in plaats van vasthouden aan principes en dogma’s. Ik denk dat het de arbeidsverhoudingen in ons land zéér ten goed zal komen!

Vaste of starre CAO-afspraken?

11 juni 2011

Deze week bezocht ik de jaarlijkse bijeenkomst van de NVA (Nederlandse Vereniging voor Arbeidsverhoudingen), waar de grootste CAO-partijen van ons land, AWVN en FNV Bondgenoten, de balans opmaakten van het lopende CAO-seizoen. Daarbij vielen mij twee zaken op.

De AWVN pleit er voor om een deel van de jaarlijkse loonstijging mee te laten ademen met prestaties van bedrijven en met de economische conjunctuur. Uit de gepresenteerde cijfers valt op te maken dat daarvan weinig terecht komt. AWVN-topman Hans van der Steen verzuchtte dan ook dat niet de hoogte, als wel de starheid van de gemaakte loonafspraken hem zorgen baart.

FNV Bondgenoten bepleit het terugdringen van allerlei flexibele contracten ten gunste van vaste aanstellingen, die volgens de bond weer ‘regel’ moeten worden. Anja Jongbloed, CAO-coördinator van FNV Bondgenoten, wees dan ook met enige trots op de afgesproken CAO’s waarin de inzet van flexibele werknemers daadwerkelijk een halt toegeroepen lijkt te worden.

Kortom, de trend in de afgesloten CAO’s lijkt: vaste loonstijgingen voor vaste werknemers. Vast tegenover flexibel. Het tegenovergestelde van ‘flexibel’ is echter niet ‘vast’, maar ‘star’. Maken we met zulke CAO-afspraken onze economie en arbeidsmarkt niet veel te star?

De ABU presenteerde onlangs cijfers waaruit blijkt dat 1/3-deel van de uitzendkrachten binnen één jaar een vaste baan vindt en binnen 2,5 jaar bijna nog eens 1/3-deel. Onderzoek wijst uit dat lang niet iedere werknemer uit is op een vaste baan. Ook het toenemend aantal zzp’ers wijst daarop. Flexibele inzet is niet persé strijdig met de duurzame inzet, die zowel door AWVN, als door FNV Bondgenoten wordt bepleit in het Manifest Naar Nieuwe Arbeidsverhoudingen.

Als we niet oppassen worden ‘vaste’ CAO-afspraken synoniem voor ‘starre’ CAO-afspraken, die de gewenste duurzame inzet van werknemers eerder in de weg staan dan bevorderen!