Over schijnvakbonden en stoorzenders…

6 maart 2020

Schijnvakbonden en stoorzenders op de arbeidsmarkt… Zo worden ze genoemd in de kop boven een ‘achtergrondartikel’ in Trouw en de Groene Amsterdammer over ‘nieuwe’ vakbonden die zich aan CAO-tafels melden. Het gaat in het artikel met name om de Landelijke Belangen Vereniging LBV, Alternatief voor Vakbond AVV en Qlix, een bond van KPN-personeel. ‘Nieuw’ is overigens betrekkelijk, LBV vierde vorig jaar haar 50-jarig bestaan en AVV bestaat inmiddels ook al weer 15 jaar. Het oordeel over hen is niet mals. ‘Oude’ vakbonden van FNV en CNV verwijten hen dat ze geen leden hebben en zich ‘door de werkgevers laten betalen’. Wetenschapper Paul de Beer doet daar nog een schepje bovenop en vreest dat deze bonden “…het hele CAO-stelsel kunnen ondermijnen…”.

De kritiek is om een aantal redenen nogal merkwaardig. Ten eerste binden CAO’s die de ‘nieuwe’ bonden afsluiten alleen hun leden en staat het andere bonden vrij om namens hún leden, eventueel door middel van (stakings)acties een betere CAO af te dwingen. Dat dat niet gebeurt heeft alles te maken met de lage organisatiegraad van vakbonden in het algemeen en niet alleen van ‘nieuwe’ spelers. Mede daarom adviseerde de SER, waar de ‘oude’ vakbonden nota bene deel van uitmaken enkele jaren geleden dat vakbonden bij CAO-onderhandelingen niet alleen hun leden, maar álle medewerkers zouden moeten betrekken. Dat is precies wat bijvoorbeeld Alternatief voor Vakbond probeert te doen. Door CAO-voorstellen en -resultaten via Internet aan zoveel mogelijk werknemers voorleggen. Wat betreft de financiering van de ‘nieuwe’ vakbonden lijkt het spreekwoord ‘de pot verwijt de ketel dat die zwart ziet’ van toepassing. Immers, alle vakbonden ontvangen jaarlijks forse werkgeversbijdragen voor het afsluiten van CAO’s.

Blijft natuurlijk overeind dat vakbonden die CAO’s afsluiten draagvlak onder werknemers moeten hebben en onafhankelijk van werkgevers moeten functioneren. Onze eigen ervaring aan CAO-tafels is dat ‘nieuwe’ bonden, zoals LBV, AVV en Clix dat, net als ‘oude’ bonden van FNV, CNV en De Unie onderschrijven en nastreven. Zou het dan niet beter zijn dat ‘oude’ en ‘nieuwe’ bonden samen met werkgevers hun schouders zetten onder de noodzakelijke vernieuwing van CAO’s en CAO-onderhandelingen en stoppen om elkaar vliegen af te vangen…

Wilco Brinkman en Henk Strating zijn partners HS Arbeidsvoorwaarden

Bedrijfstak- of onderneming-CAO

22 februari 2020

We kennen in Nederland twee typen CAO’s: de bedrijfstak-CAO en de onderneming-CAO. De benamingen spreken voor zichzelf. De bedrijfstak-CAO is op een hele bedrijfstak van toepassing, wordt afgesloten door een werkgeversvereniging en kan op verzoek voor ongeorganiseerde werkgevers algemeen verbindend verklaard worden. De onderneming-CAO wordt afgesloten door en voor één enkele onderneming. Bij ASML in Veldhoven, een wereldspeler op het terrein van electronica, bestaat de wens om de bedrijfstak-CAO Metalektro te verlaten en een eigen onderneming-CAO ASML tot stand te brengen. Het bedrijf volgt daarmee het voorbeeld van branchegenoten Philips en NXP. De wens ontstond eind 2018 toen er maandenlang actie werd gevoerd voor de nieuwe CAO Metalektro. ASML heeft nu de daad bij het woord gevoegd.

De reacties van vakbonden zijn zeer verschillend. FNV en CNV willen er niets van weten en houden vast aan toepassing van de CAO Metalektro op ASML. Vakbond De Unie is juist voorstander van de eigen CAO ASML. ASML is vastberaden en wil de ruim 13.000 medewerkers nauwer bij de eigen CAO gaan betrekken. Die krijgen daarvoor binnenkort een uitgebreide vragenlijst om input te leveren voor de nieuwe CAO.

Wij komen in onze praktijk beide typen CAO’s tegen. We zien al veel langer dat ondernemers de arbeidsvoorwaarden van hun medewerkers meer en beter op de wensen en behoeften van het eigen bedrijf willen afstemmen en hen daarbij willen betrekken. Dat is vaak het gevolg van schaalvergroting, verzelfstandiging, professionalisering en/of volwassen arbeidsverhoudingen. Soms kiest een ondernemer er voor om die af te spreken in een Arbeidsvoorwaardenregeling met de eigen Ondernemingsraad. Wij denken dat CAO-partijen er goed aan doen oog te hebben voor deze ontwikkkeling en er aan mee te werken. Anders zou de CAO-kruik wel eens zolang te water kunnen gaan tot dat die barst.

Wilco Brinkman en Henk Strating, partners HS Arbeidsvoorwaarden

Arbeidsmarkt vraagt om een blik vóóruit, niet áchteruit!

24 januari 2020

Afgelopen week verscheen het langverwachte rapport van de Commissie Borstlap. Voorzitter Borstlap werkte in 2014 mee aan het boek Werken in en aan Verandering van Henk Strating en Jeroen Pepers. Daarin zegt hij – samengevat – dat de moderne arbeidsmarkt het uitgangspunt van beleid moet worden. “De polder en zijn instituties zullen zich moeten aanpassen, aansturing op basis van collectieve afspraken is niet langer houdbaar, burgers moeten vrijgelaten worden om hun eigen zaken te regelen”, zei hij onder andere.

Daarvan is in het rapport van de commissie die zijn naam draagt niet veel meer terug te vinden. In plaats van regels bij de werkelijkheid aan te passen, wordt voorgesteld de werkelijkheid bij de regels aan te passen en de klok terug te draaien! Vaste contracten moeten bevorderd worden, flexibele contracten moeten door kostenverhoging (nota bene) ontmoedigd worden en ZZP moet worden terugedrongen. Dat voorziet de commissie dan ook nog eens van het angstbeeld dat de economische groei en daarmee de welvaart anders onder druk zal komen te staan…

De Nederlandse arbeidsmarkt is de afgelopen jaren ondernemender, zelfstandiger en flexibeler geworden. Het is niet aannemelijk dat de economie daaronder zou leiden. In tegendeel, de Nederlandse economie groeit en bloeit! Het valt eerder te vrezen dat afremmen van ondernemerschap, zelfstandigheid en flexibliteit, waar de voorstellen van de Commissie Bortslap onvermijdelijk toe zullen leiden dat tot gevolg zal hebben!

De Nederlandse arbeidsmarkt vraagt om aanpassingen. Maar die moeten uitgaan van de werkelijkheid dat veel (jonge) mensen liever voor zichzelf dan in dienst van een ander willen werken. Dát moet bevorderd en ondersteund worden. Met maatregelen op het gebied van scholing en ontwikkeling (waarvoor de commissie wel goede voorstellen doet!), arbeidsongeschiktheid (bijvoorbeeld door broodfondsen te stimuleren), pensioenen (afgelopen week meldde een groot pensioenfonds een regeling voor ZZP’ers aan te gaan bieden) en hypotheken (sommige banken bieden ZZP’ers en flex-werkers nu al hypotheken aan). Keuzevrijheid en maatwerk moeten daarbij het uitgangspunt zijn.

Op de arbeidsmarkt moet vóóruit gekeken worden. De Commissie Borstlap – waarvan overigens géén enkele ondernemer deel uitmaakte! – kijkt helaas vooral áchteruit!

Wilco Brinkman en Henk Strating
partners HS Arbeidsvoorwaarden

Eerste CAOO is een feit!

22 november 2019

De polder heeft een primeur: de CAOO Architecten. In deze CAOO (met dubbel O) worden naast afspraken over arbeidsvoorwaarden van werknemers ook afspraken gemaakt die de werkgevers in acht moeten nemen bij het geven van opdrachten aan ZZP’ers. De tweede O van de CAOO staat voor overeenkomsten van opdracht. Het idee voor een CAOO, waar HS Arbeidsvoorwaarden al in 2013 en 2014 over meedacht, is dat overeenkomsten van opdracht met ZZP’ers de arbeidsovereenkomsten met werknemers niet moeten ondermijnen en omgekeerd. Dat zou bijvoorbeeld het geval zijn als werkgevers lagere kosten voor ZZP’ers kunnen maken door lagere tarieven af te spreken dan het CAO-loon voor vergelijkbare activiteiten of door de kosten voor sociale zekerheid en pensioen voor rekening van de ZZP’er te laten komen. Door in de CAOO af te spreken dat werkgevers met opdrachtnemers een tarief moeten afspreken dat tenminste overeenkomt met het loon dat de CAO voor de betreffende werkzaamheden kent, verhoogd met een opslag voor sociale zekerheid en pensioen wil de CAOO dat voorkomen. Het algemeen verbindend verklaren van de CAOO Architecten heeft vele jaren in beslag genomen, omdat de afspraken in strijd geacht werden met het Europese mededingingsrecht. Die bezwaren lijken nu dus van de baan.
De reacties op de eerste CAOO zijn wisselend. ZZP-specialisten en organisaties staan er kritisch tegenover omdat ZZP’ers volgens hen niet onder een CAO vallen. Daar staat tegenover dat de Wet CAO afspraken over overeenkomsten van opdracht nadrukkelijk insluit, de CAOO schijnzelfstandigheid tegen gaat en ZZP’ers (vaak voormalige werknemers) ten minste een met de CAO vergelijkbaar tarief voor hun werkzaamheden kunnen afspreken, verhoogd met een opslag voor de kosten van sociale zekerheid en pensioen. Bovendien is de werkgever die de CAOO toepast vrijer in zijn keuze om werkzaamheden op basis van een arbeidsovereenkomst door een werknemer of op basis van een overeenkomst van opdracht door een ZZP’er uit te laten voeren. Beide zijn immers in de CAOO als gelijkwaardig aangemerkt.

Wilco Brinkman en Henk Strating zijn partners van HS Arbeidsvoorwaarden

Nieuwe wijn in oude zakken?

2 november 2019

De CAO Philips kent een nieuwe arbeidsvoorwaarde: het mini sabbatical. “In de nieuwe CAO Philips is opgenomen dat werknemers er van de baas eens in de vijf jaar er vijf weken non-stop tussenuit mogen om bij te tanken. Vakbonden juichen het ‘welzijnsverlof’ toe”, luidde deze week het nieuws over de CAO-afspraak in het Algemeen Dagblad. Daarbij vallen ons een paar dingen op. Ten eerste dat het initiatief voor deze afspraak bij Philips lijkt te liggen en niet bij vakbonden. Dat lijkt te worden bevestigd door de onderhandelaar van vakbond De Unie, die meldt dat zijn leden zelfs bang waren voor ‘een addertje onder het gras’… Ten tweede valt de negatieve reden op die ervoor wordt gegeven: ‘…om bij te mogen tanken’. Vakbonden noemen het mini-sabbatical ‘welzijnsverlof’ om ‘…geestelijk of lichamelijk bij te komen’, aldus de CNV-bestuurder. Ten derde valt de ouderwetste terminologie op van ‘werknemers die iets van de baas mogen’, wat wellicht het taalgebruik van het Algemeen Dagblad is…

Zijn wij te negatief? Wij vinden dat medewerkers in volwassen arbeidsverhoudingen zélf verantwoordelijk zijn voor hun inzetbaarheid en dat het bedrijf dat moet stimuleren en faciliteren. Zulke medewerkers kunnen in goed overleg zélf beslissen of zij kortere of langere tijd het werk onderbreken. In veel CAO’s biedt het aantal vrije dagen daar de mogelijkheid al voor, zeker in combinatie met de mogelijkheid om extra vrije dagen te kopen. Zó kunnen medewerkers er aan werken dat zij met plezier werken en blijven werken. De experimentele arbeidsvoorwaarde bij ING dat medewerkers onbeperkt vrij kunnen nemen sluit daar volgens ons beter op aan dat het ‘mini-welzijnssabbatical’ bij Philips.

Wilco Brinkman en Henk Strating
Partners HS Arbeidsvoorwaarden

CAO en pensioen

25 oktober 2019

Pensioen wordt een steeds belangrijker onderwerp aan steeds meer CAO-tafels. Gaat de discussie landelijk vooral over wel of niet noodzakelijke kortingen, aan CAO-tafels moeten partijen steeds vaker keuzes maken tussen verhoging van de premies voor werkgevers en medewerkers, versobering van de regeling (door de jaarlijkse opbouw van het pensioen te verlagen) of een combinatie van beide. Het zal niemand verbazen dat het laatste, een combinatie van een hogere premie en een lagere opbouw in Nederland Polderland veel op CAO-tafels verschijnt… Maar juist die combinatie roept de vraag op of het huidige pensioenstelsel vandaag de dag nog wel houdbaar is? Want zeg nu zelf, als je méér moet betalen om mínder te krijgen, wáár ligt dan de grens? Dat is dan ook de reden dat met name werkgevers steeds vaker bezwaar maken tegen voorstellen om de pensioenpremie, die in sommige sectoren al meer dan een kwart van de loonsom zou moeten gaan bedragen, nog verder te verhogen. Die verhoging zou ook ten koste gaan van de financiële ruimte voor loonsverhoging en dat past niet bij de relatief hoge looneisen die vakbonden op dit moment stellen. Die keuze leidt tot de noodzaak van een drastische versobering van de regeling doordat dan de jaarlijkse opbouw van het pensioen fors verlaagd moet worden. Dat kan weer hersteld worden als de rente stijgt, maar gaat de rente stijgen en zo ja, wanneer…? Alles wijst erop dat aan een structurele aanpassing van het pensioenstelsel, zoals in het Pensioenakkoord is beoogd, niet te ontkomen valt en dat de noodzaak daartoe in een aantal sectoren inmiddels bereikt is.

Wilco Brinkman en Henk Strating
partners HS Arbeidsvoorwaarden

Polder gelooft in quotum!

21 september 2019

De Sociaal-Economische Raad, die na de Tweede Wereldoorlog werd ingesteld om de overheid méér invloed te geven op de sociaal-economische besturing van Nederland, bepleit dat de overheid (beursgenoteerde) ondernemingen bij wet moet dwingen om meer vrouwen in de (sub)top te benoemen. De SER vindt dat dwingende wetgeving nodig is om de top van het bedrijfsleven diverser te maken. SER-voorzitter en oud-PvdA politica Mariëtta Hamer spreekt van een ‘doorbraak’. Die bestaat vooral uit het feit dat de ondernemersorganisaties VNO-NCW en MKB Nederland, die de SER samen met vakbonden en kroonleden vormen, ook met een wettelijk quotum instemmen.

Voor- en tegenstanders bestrijden elkaar in de publieke discussies ondermeer met het argument dat meer vrouwen in de top de winstgevendheid van ondernemingen zou vergroten of juist niet… Daar maakten het CPB en het SCP onlangs een einde aan door het te onderzoeken en vast te stellen dat noch het één noch het ander het geval is…

Overigens blijken de tanden van de SER minder scherp dan de euforie van de SER-voorzitter doet vermoeden. Het voorgestelde quotum zou slechts betrekking moeten hebben op 88 (!) beursgenoten ondernemingen en zou hen slechts moeten verplichten om hun Raden van Commissarissen voor 30% (op termijn 50%) uit vrouwen te laten bestaan… Zolang dát niet het geval is zou de benoeming van elke nieuwe mannelijke commissaris nietig verklaard moeten worden tot dat er een vrouwelijke kandidaat beschikbaar is. Kortom: de polder lijkt zelf ook maar een klein beetje in een quotum te geloven…

Wilco Brinkman en Henk Strating
partners HS Arbeidsvoorwaarden

Maatwerk, maatwerk, maatwerk!

13 september 2019

Deze week spraken we met vertegenwoordigers van verschillende brancheorganisaties over de toekomst van CAO’s. Wat daarbij opviel was de rode draad in de gesprekken, die met één woord kan worden samengevat: maatwerk! Zoals veel brancheorganisaties opereren de organisaties die wij spraken in branches met bedrijven die sterk van elkaar verschillen: verschillende activiteiten (soms als onderdelen van de keten), verschillen in grootte, regionale verschillen, verschillen in professionaliteit op het gebied van HR. Deze verschillen brengen ook verschillende wensen met zich mee op het gebied van CAO, Sociaal Fonds en Pensioenfonds. Terwijl er maar één CAO, één Sociaal Fonds en één Pensioenfonds is. Dat knelt. Wat het ene bedrijf nodig heeft wil het andere bedrijf juist graag kwijt. Het ene bedrijf wil graag terug kunnen vallen op de CAO, terwijl het andere bedrijf juist de ruimte wil om samen met de eigen Ondernemingsraad regelingen tot stand te brengen die passen bij de cultuur en de bedrijfsvoering van het bedrijf. Tegelijkertijd ziet iedereen het belang van een level playing-field en zit niemand te wachten op onderlinge concurrentie met arbeidsvoorwaarden. Een Gordiaanse knoop?!

Wij denken dat er op deze dilemma’s, waar vrijwel elke branche mee te maken heeft, eigenlijk maar drie goede antwoorden passen: maatwerk, maatwerk, maatwerk! Elke one-size-fits-all oplossing zal vroeg of laat tot mislukken gedoemd zijn en tot onvrede bij álle partijen leiden. Want ook medewerkers hebben in het ene bedrijf andere wensen en verwachtingen dan in het andere bedrijf. Toch zien we aan veel CAO-tafels bij veel onderwerpen vooral ‘oplossingen’ die voor iederéén moeten gelden: de loonontwikkeling, die op een centrale looneis wordt gebaseerd (we schreven daar vorige week over), herverzekering van het 3e WW-jaar, generatiepacten, verhoudingen tussen vast en flexibel personeel enzovoort. Dat is een doodlopende weg. Gebruikers van zulke CAO’s zullen er steeds ontevredener over worden. De kruik gaat zolang te water tot die barst. Waarna de wal het schip zal keren. Wie het beste voor heeft met de CAO zal de koers fundamenteel moeten verleggen naar maatwerk, maatwerk, maatwerk!

Wilco Brinkman en Henk Strating
partners HS Arbeidsvoorwaarden

Sociale Innovatie en CAO-vernieuwing

28 juni 2019

Deze week waren we aanwezig bij het Bovag-congres over Sociale Innovatie. Bovag heeft in bedrijven gesproken met werkgevers en medewerkers en concludeert dat er behoefte is aan meer flexibiliteit en maatwerk. De technologische innovatie in de branche vereist sociale innovatie en de CAO moet daar het kader voor bieden. Minister Koolmees en AWVN-directeur Van de Kraats onderschreven de wens van Bovag in verschillende bewoordingen, maar vakbonden zijn minder enthousiast. CNV-voorman Fortuin vindt dat er ten onrechte en onnodig een tegenstelling wordt gecreëerd tussen sociale innovatie en collectiviteit.

De verschillen van mening tussen werkgevers, vakbonden en de overheid over sociale innovatie doen met enige weemoed terugdenken aan het Nederlands Centrum voor Sociale Innovatie (NCSI), dat begin deze eeuw door werkgevers én vakbonden, met steun van de overheid, werd opgericht. Het NCSI stelde hen in staat om sámen invulling te geven aan sociale innovatie. Eén van de vernieuwingen die daaruit voortvloeiden is het concept Puzzelend Onderhandelen, waarbij CAO-partijen hun soms tegengestelde belangen niet langer tegenóver elkaar, maar sámen mét elkaar overbruggen en oplossen. Dit concept hebben we voor het NCSI ontwikkelt en na de opheffing van het NCSI in 2012 vanuit HS Arbeidsvoorwaarden voortgezet. Inmiddels zijn CAO’s in verschillende sectoren en bedrijven met succes op deze leest geschoeid.

Vorige week mochten we er een interactieve presentatie over verzorgen voor vertegenwoordigers van de Nationale Politie, de politievakbonden en het Ministerie van Justitie, waarover positieve berichten op sociale media zijn verschenen. Sociale vernieuwing en CAO-vernieuwing hebben alléén kans van slagen als béide CAO-partijen erin geloven, er verantwoordelijkheid voor willen nemen en er hun schouders eronder willen zetten! Dat is niet gemakkelijk, maar zeker niet onmogelijk!

Wilco Brinkman en Henk Strating Strating zijn partners van HS Arbeidsvoorwaarden

Lonen omhoog, inflatie omlaag!

14 juni 2019

Wie onze CAO-BAROMETER© wekelijks volgt weet dat de CAO-lonen nog steeds maar mondjesmaat stijgen. In de maand mei nam de stijging van 2,2% zelfs weer 0,1% af ten opzichte van de maand april. De cijfers zijn afkomstig van het CBS en geven de CAO-loonontwikkeling aan ten opzichte van een jaar eerder. Die wordt voor een deel bepaald door CAO-afspraken die soms al geruime tijd geleden zijn gemaakt. Als we daarentegen alleen kijken naar de CAO’s die recent zijn afgesloten ontstaat een ander beeld. Volgens cijfers van werkgeversvereniging AWVN vertoonden de CAO’s die in mei zijn afgesloten gemiddeld een loonsverhoging op 12-maandsbasis van 2,95%. Een terugblik op CAO’s die eerder dit jaar werden afgesloten laat zien dat de afgesproken loonstijgingen vrijwel iedere maand toenemen. De gemiddelde CAO-loonstijging in mei van 2,95% ligt zelfs boven de raming van De Nederlandsche Bank (DNB) voor het jaar 2019. Afgelopen week maakte DNB ramingen voor 2020 en 2021 bekend. Die liggen bijna een vol procent hoger dan de raming voor 2019: 3,7% voor 2020 en 3,8% voor 2021. Overigens daalt de economische groei dan naar 1,5 en 1,4%!

Naast de CAO-loonstijging is ook de ontwikkeling van de inflatie van belang. Het verschil tussen beide levert de koopkrachtontwikkeling op. De afgelopen maanden was die negatief, omdat de inflatie hoger was dan de gemiddelde CAO-loonstijging. Maar dat is in de maand mei omgedraaid. Tegenover de in die maand afgesproken CAO-loonsverhogingen van gemiddeld 2,95% staat het nieuwe inflatiepercentage van 2,4%. En terwijl de trend van de CAO-loonstijging nog steeds omhoog lijkt te gaan, zou de inflatie wel eens verder kunnen afnemen. Het zogenaamde geharmoniseerde Europese inflatiecijfer, gebaseerd op de Europese geharmoniseerde consumentenprijsindex (HICP), bedroeg in april slechts 1,72%.

Als deze trend van stijgende lonen en dalende inflatie doorzet kan dat de onderhandelingen over CAO’s vergemakkelijken. De impasses in veel onderhandelingen over CAO’s en dreigende acties in alle sectoren (markt, zorg en overheid) zouden daarmee gediend zijn!

Wilco Brinkman en Henk Strating zijn partners HS Arbeidsvoorwaarden